bovenste envelop stond haar naam.
Voor Hanna.
Haar handen begonnen te trillen.
Ze ging op een oude stoel zitten en opende de brief.
Hanna,
Ik weet niet of je deze woorden ooit zult lezen.
Ik ben nooit goed geweest in praten. Mijn vader leerde me dat een man zijn gevoelens voor zichzelf moet houden.
Misschien heb ik daardoor ons hele leven verkeerd begrepen.
Hanna stopte met lezen.
Ze keek naar de lege garage.
Daarna las ze verder.
Ik weet dat je niet gelukkig bent geweest met mij.
Dat wist ik