rustige of gladde strook tussen gebieden waar de golven wel breken;
een donkerder ogend kanaal in het water;
schuim of kleine stukjes zeewier die duidelijk van het strand weg bewegen;
water dat voortdurend richting zee lijkt te stromen;
een opening tussen twee delen van de branding;
een gebied waar de kleur of beweging van het water duidelijk anders is dan ernaast.
Maar onthoud:
geen van deze signalen bewijst op zichzelf dat er een muistroom aanwezig is.
Ook zandbanken, diepteverschillen, licht en weersomstandigheden kunnen ervoor zorgen dat water er anders uitziet.