met een kleine, vergeelde envelop.
Op de voorkant stond in bibberige letters:
Voor Sofia, op onze achtenzeventigste trouwdag.
Sofia keek hem verbaasd aan.
‘Andreas, wat heb je nu weer gedaan?’
Hij glimlachte.
‘Iets wat ik al heel lang had moeten doen.’
Elena gaf hem de envelop.
Zijn vingers trilden toen hij hem opende.
Binnenin zat een opgevouwen vel papier.
‘Ik heb dit drie maanden geleden geschreven,’ zei Andreas. ‘Toen ik nog zeker wist dat ik het zelf kon voorlezen.’
Hij lachte even.
‘Maar mijn ogen werken vandaag niet zo goed