Ze deed elke week hetzelfde. Totdat de bakker haar op een dag iets bijzonders vertelde

daar soms zitten om hun koffie te drinken en een broodje te eten.

Marianne had er in de eerste maanden nooit gebruik van gemaakt.

Totdat ze op een koude ochtend binnenkwam, haar bestelling deed en daarna even naar het tafeltje keek.

‘Is het goed als ik hier een paar minuten ga zitten?’ vroeg ze.

‘Maar natuurlijk,’ zei meneer Van Dijk.

Ze nam plaats bij het raam en legde haar papieren zak naast zich neer. Terwijl ze naar buiten keek, hield ze haar handen om een kop thee die de bakker