Ze deed elke week hetzelfde. Totdat de bakker haar op een dag iets bijzonders vertelde

bleef Marianne iedere vrijdag naar de bakkerij komen.

Ze bestelde nog steeds haar kleine volkorenbroodje en twee krentenbollen.

Maar er veranderde iets.

Soms bleef ze even zitten om koffie te drinken. Soms bracht ze een oude foto mee om een herinnering te delen. En af en toe kocht ze iets extra’s voor iemand uit de buurt die het moeilijk had.

De bakker vroeg haar nooit om haar verhaal opnieuw te vertellen. Hij wist dat herinneringen niet iedere dag hetzelfde aanvoelen en dat iemand soms liever gewoon zijn gebruikelijke boodschappen doet.