haar koopkracht op. “Ik heb niet het idee dat ik vooruit ga; het lijkt juist of ik terugval.”
Solidair, maar met grenzen
Solidariteit vindt ze belangrijk, en ze snapt dat er vangnetten nodig zijn voor wie niet kan werken. Ziekte, pech en tijdelijke tegenslag horen nou eenmaal bij het leven. Maar volgens Ingrid is het systeem doorgeslagen. “De prikkel om weer mee te doen is zoek.” Ze mist maatwerk en stevige controle. “Wie echt niet kán werken, moet steun krijgen; wie wél kan maar niet wil, mag daarop worden aangesproken.”