Los het raadsel op: Een man steelt 100 dollar uit een winkel.

Deze methode maakt duidelijk waarom het belangrijk is om zowel het contante geld als de verkochte goederen mee te nemen in de berekening.

Wat als de winkelier de goederen voor een lagere prijs heeft ingekocht?
Er is nog een interessante nuance. Het raadsel spreekt over goederen ter waarde van $70, maar dat betekent doorgaans dat hun verkoopprijs $70 bedraagt. De werkelijke inkoopkosten kunnen lager zijn.

Stel bijvoorbeeld dat de winkelier de producten voor $45 heeft ingekocht en ze normaal voor $70 verkoopt. Dan bedraagt de directe kostprijs van de verloren