Tijdens het opruimen van de zolder vond ze een koffer die jarenlang verborgen was gebleven

bleef bij de deur staan.

Toen ze de koffer zag, fronste ze haar wenkbrauwen.

‘Waar heb je die gevonden?’

‘Helemaal achter de kast. Hij stond onder de dozen.’

Haar moeder liep dichterbij en streek met haar hand over het stoffige deksel.

‘Wat vreemd,’ mompelde ze. ‘Ik dacht dat we hier vroeger alleen oude meubels hadden staan.’

‘Heb je hem ooit eerder gezien?’

Haar moeder schudde langzaam haar hoofd.

‘Niet dat ik me kan herinneren.’

Dat antwoord maakte Laura nog nieuwsgieriger. Als de koffer niet van haar moeder was, van wie