Hij stopte om een gestrande automobilist te helpen. Wat hij daarna hoorde, verraste hem

bewogen op hun hoogste stand, terwijl het verkeer zich langzaam door het natte landschap verplaatste.

Toen zag Erik iets verderop een auto met de alarmlichten aan.

Een man stond naast het voertuig, met zijn jas over zijn hoofd getrokken. Hij keek herhaaldelijk naar de passerende auto’s, maar niemand leek van plan te stoppen.

Erik reed eerst voorbij.

Hij keek in zijn achteruitkijkspiegel en zag de man nog steeds staan. De regen werd alleen maar heviger. De man leek niet goed te weten wat hij moest doen.

Erik dacht aan zijn